Typ hierboven uw zoekterm of scroll

© 2001-2015 Lycaeus Juridisch Woordenboek - Alle rechten voorbehouden>

homogeen : rechtswetenschap - hetzelfde, van gelijke aard.

homohuwelijk : personen- en familierecht - geregistreerd partnerschap tussen personen van hetzelfde geslacht.

homologatie / homologeren / gehomologeerd Eng.: approval of the composition by the district court : faillissementsrecht - rechterlijke bekrachtiging van het akkoord in een faillissement. Art. 150 Fw - Zie ook: nadere verklaring gerechtelijk akkoord nadere verklaring Schuldsaneringsregeling (WSNP) / (oneig.) wet Schuldsanering

hondenbelasting : bestuursrecht - belasting, geheven door gemeenten over het bezit van honden.

honorair : rechtswetenschap - bijvoeglijk naamwoord betreffende eer; honorair lid = erelid.

honoreren : - inwilligen. Bijv. een verzoek ~;
bezoldigen. Bijv. de arbiter ~.

honorering / honoreren / gehonoreerd Eng.: to meet : - inwilligen van een verzoek, of als geldig erkennen. Bijv. van een aanspraak. Art. 46 Wbp en 99 Wet GBA

hoofdbedrijfschappen : staatsrecht - openbaar lichaam zoals een bedrijfschap, maar met een groter bereik. Bijv. hoofdbedrijfschap Agrarische Groothandel. Art. 66 wet bo - Zie ook: nadere verklaring bedrijfslichaam / (mv.) bedrijfslichamen

hoofdberoep Eng.: principal procedure : procesrecht - de beroepsprocedure met betrekking tot de hoofdvordering.

hoofdbestuur : ondernemingsrecht - in het geval van een communautaire onderneming wordt onder ~ het bestuur van deze onderneming verstaan; in het geval van een communautaire groep is dat het bestuur van een moederonderneming.

hoofddebiteur Eng.: principal debtor : handelsrecht - hoofdschuldenaar; diegene met de hoogste schuld.

hoofdelijke aansprakelijkheid Eng.: jointly and severally liable : aansprakelijkheidsrecht - aansprakelijkheid van meerdere personen voor een ondeelbare prestatie of gehele schuld, voor zover dit voortvloeit uit de wet, gewoonte of rechtshandeling. Bijv. bij een geldlening voor 2 personen, zijn beide aansprakelijk voor terugbetaling van de volledige lening. Art. 6 Boek 6 BW en 29 Boek 2 BW - Zie ook: nadere verklaring regres nadere verklaring pluraliteit van schuldenaren

hoofdelijke gebondenheid / hoofdelijk verbonden zijn : vermogensrecht - het verschijnsel dat verschillende schuldenaren ieder tot een bepaalde prestatie verplicht zijn, en dat de voldoening door één van hen de anderen bevrijdt. Bijv. in een vennootschap onder firma is elk der vennoten voor verbintenissen van de vennootschap, hoofdelijk verbonden. Art. 18 Wvk en 6 Boek 6 BW - Zie ook: nadere verklaring vennootschap onder firma (VOF) nadere verklaring pluraliteit van schuldenaren

hoofdelijke verbintenis : verbintenissenrecht - prestatie of schuld die door minstens twee schuldenaren kan worden voldaan. De voldoening door één van hen bevrijdt de ander. Bijv. borgtocht; verbintenis van meerdere debiteuren, die ieder voor zich voor de gehele prestatie moeten verrichten, waarbij degene die presteert (meestal betaalt), op de andere debiteuren verhaal heeft. Art. 6 Boek 6 BW

hoofdelijkheid : aansprakelijkheidsrecht - gezamenlijk verplicht zijn tot het verrichten van dezelfde prestatie. Bijv. twee schuldenaren kunnen ieder voor de volledige schuld worden aangesproken. Art. 6 Boek 6 BW en 7 Boek 6 BW - Zie ook: nadere verklaring hoofdelijke aansprakelijkheid nadere verklaring regres

hoofdofficier van justitie (HOvJ) Eng.: head public prosecutor : strafrecht - hoofd van een arrondissementsparket. Ook aan het hoofd van het Landelijk Parket staat een ~. Art. 136 wet RO - Zie ook: hierarchische verhouding officier van justitie (OvJ)

hoofdonderzoek Eng.: main inquiry : strafprocesrecht - onderzoek ter terechtzitting. Art. 244 WvSv - Zie ook: hierarchische verhouding eindonderzoek niet gelijk aan voorbereidend onderzoek

hoofdpartij : burgerlijk procesrecht - elk van partijen in een burgerlijk rechtsgeding tussen wie een geschil is. Als het Openbaar Ministerie ~ is, moet het de gewone wijze van rechtsvordering volgen. Zie ook: tegenstelling beledigde of benadeelde partij

hoofdproductschappen : staatsrecht - openbaar lichaam als een productschap, maar met een groter bereik. Bijv. Hoofdproductschap voor Akkerbouwproducten. Art. 66 wet bo - Zie ook: nadere verklaring bedrijfslichaam / (mv.) bedrijfslichamen

hoofdschuldenaar bij borgtocht Eng.: principal debtor : - persoon die oorspronkelijk de schuldenaar is. De borg staat in voor betaling van de schuld die de ~ heeft bij de schuldeiser. Art. 850 Boek 7 BW borgtocht / fideiiussio borg

hoofdsom / (mv.) hoofdsommen / hoofdsomma : incasso - de som der facturen, zonder rente en kosten. Art. 44 Boek 6 BW en 50 Boek 6 BW - Zie ook: nadere verklaring buitengerechtelijke kosten / buitengerechtelijke incassokosten

hoofdstad Eng.: capital city : staatsrecht - stad in een land, waarin meestal de regering en het parlement is gevestigd of een stad die economisch of cultureel in dat land overheersend is. Bijv. Brussel is de ~ van België.

hoofdstembureau : staatsrecht - bureau voor een provincie of een aantal gemeenten (kieskringen), waar de kandidatenlijsten worden ingediend. Zie ook: hierarchische verhouding Centraal Stembureau

hoofdstraffen Eng.: principle punishments : strafrecht - gevangenisstraf, hechtenis, taakstraf en geldboete. Naast de ~ bestaan er bijkomende straffen. Art. 9 WvSr en 45 WvSr

hoofdverbintenis : verbintenissenrecht - verbintenis die als hoofdafspraak tussen partijen kan worden aangemerkt. Bijv. de overeenkomst van geldlening is de ~ van een hypothecaire lening.

hoofdverblijf Eng.: principal residence : vreemdelingenrecht - plaats waar een persoon zich gevestigd heeft met de bedoeling om daar voor een langere periode te blijven. Als een vreemdeling langer dan negen maanden buiten Nederland verblijft, gaat de Nederlandse overheid ervan uit dat de vreemdeling zijn hoofdverblijf heeft verplaatst. Daarmee vervalt het eventuele recht op verblijf in Nederland. (bron: Min. Jus.) Art. 18 vw 2000 - Zie ook: niet gelijk aan officiële woonplaats / domicilie

hoofdvordering Eng.: principal claim : burgerlijk procesrecht - alternatieve eis, gesteld door de eiser in een civiele procedure voor het geval dat de hoofdvordering niet slaagt. Bijv. de eiser vordert als nevenvordering schadevergoeding. subsidiaire eis hoofdvordering

hoofdvragen / materiële, vragen : strafprocesrecht - betreffen de belangrijkste de beslispunten die betrekking hebben op de inhoud van de strafzaak en als zodanig zijn onderverdeeld in vier subvragen (is bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde feit heeft begaan, zo ja, welk strafbaar feit levert dit op, zijn feit en verdachte strafbaar, moet een straf of een maatregel worden opgelegd en zo ja, welke?). Alvorens de rechter aan de vragen van art. 350 WvSv toekomt, dient de rechter conform art. 348 WvSv te hebben vastgesteld dat aan een aantal essentiele voorwaarden (de zogenaamde voorvragen) is voldaan. (bron: Cleiren, Corstens, Koopmans, Mevis) Art. 350 WvSv en 348 WvSv - Zie ook: onderdeel beslissingsschema niet gelijk aan voorvragen

hoogheemraadschap : bestuursrecht - waterschap, een van de oudste bestuursorganen in Nederland met als taken dijkbeheer, waterkwantiteitsbeheer, waterkwaliteitsbeheer en vaarwegbeheer.

hoogopschietende bomen : burenrecht - bomen die binnen twee meter, te rekenen vanaf het midden van de voet van de boom, van het erf van een ander in eigendom zijn. Het hebben van ~ is niet toegestaan, tenzij de eigenaar van het erf toestemming heeft gegeven of het erf een openbare weg of water is. Art. 42 Boek 5 BW

hoogstpersoonlijke rechten : rechtswetenschap - rechten die niet voor uitoefening door een ander vatbaar zijn. ~ kunnen niet worden geërfd of overgedragen. Bijv. alimentatie.

hoogverraad : strafrecht - misdrijven tegen de veiligheid van de staat. Bijv. aanslag op de Koningin, geweld gebruikt tegen de regeringsraad en schending van staatsgeheimen. Art. 92 WvSr en 107a WvSr

hoor en wederhoor : burgerlijk procesrecht - fundamenteel beginsel van procesorde dat beide partijen even vaak het woord moeten kunnen voeren.

hoor en wederhoor / audi et alteram partem : procesrecht - beginsel dat ook de andere partij in een conflict gehoord moet worden. Art. 6 EVRM

hoorplicht : bestuursrecht - het doen horen van een persoon. Bijv. de aanvrager van een vergunning wordt voor het nemen van een beslissing gehoord door het verantwoordelijk bestuursorgaan. Art. 4:07 Awb

hoorzitting Eng.: hearing : procesrecht - mondelinge, vaak openbare gedachtewisseling over een rechtsgeschil. De ~ is vooral bedoeld om de behandelend rechter of (in bestuurszaken) de hoorcommissie nadere informatie te verschaffen, zodat hij de zaak beter kan beoordelen;
een ieder heeft volgens het EVRM recht op een eerlijke ~, of behandeling van zijn zaak in een proces. Art. 6 EVRM en 19 Rv - Zie ook: tegenstelling pro forma-zitting onderdeel faillissementszitting nadere verklaring inlichtingencomparitie

horen Eng.: to hear : strafprocesrecht - een verdachte kan in het strafproces getuigen ter terechtzitting laten oproepen, met als doel hen door de rechter te laten ~. De officier van justitie roept de getuigen op, tenzij hij van mening is dat de verdachte redelijkerwijs niet in zijn verdediging is geschaad als de getuigen niet worden opgeroepen. De verdachte kan zijn verzoek dan bij de rechtbank herhalen. Art. 263 WvSv en 302 WvSv

horen Eng.: to hear : bestuursprocesrecht - mondeling of (soms) schriftelijk naar voren brengen van de eigen zienswijze, voordat het bestuursorgaan op de aanvraag, bijv. tot verkrijging van een bouwvergunning, beschikt. Het ~ is een procedurevoorschrift. Art. 4:07 AWB en 4:09 AWB - Zie ook: nadere verklaring hoor en wederhoor / audi et alteram partem

horigheid : rechtsgeschiedenis - lijkt een beetje op slavernij; systeem waarbij mensen ("horigen") gebonden waren aan een goed (bijv. een boerderij of een stuk land) dat ze niet mochten vervreemden of bezwaren, maar waarop ze wel een (eventueel beperkt) gebruiksrecht hadden.

horizontalisering : bestuursrecht - verschijnsel dat een voorheen hiërarchische verhouding verandert in een meer gelijkwaardige verhouding; minder formeel en meer onderhandelend bestuur. Bijv. door het sluiten van overeenkomsten in plaats van het uitvaardigen van besluiten.

hotel : diplomatiek recht - gebouw van een ambassade of gezantschap, in het genot der exterritorialiteit.

hotelhouder / logementhouder : strafrecht - uitbater van een hotel; persoon die beroepshalve aan bezoekers (gasten) nachtverblijf verschaft. De ~ is verplicht zijn gasten te identificeren en een register van hen bij te houden. Art. 438 WvSr

houden : vermogensrecht - het feitelijk houden van een zaak voor een ander (de bezitter). Art. 107 Boek 3 BW

houder / detentor Eng.: detentor : vermogensrecht - Latijn: persoon die een zaak ten behoeve van een ander in zijn macht heeft, hetzij direct door zelf de zaak feitelijk onder zich te hebben, hetzij indirect door een ander de feitelijke macht te laten uitoefenen. Art. 107 Boek 3 BW en 108 Boek 3 BW - Zie ook: hierarchische verhouding bezitter te goeder trouw

houderschap / detentie : vermogensrecht - het houden van een zaak voor een ander (de bezitter). Art. 107 Boek 3 BW - Zie ook: nadere verklaring onmiddellijk houderschap nadere verklaring middellijk houderschap hierarchische verhouding bezit / bezitten / bezat

houdstermaatschappij : ondernemingsrecht - soms bezit de 'holding company' uitsluitend aandelen van een of meer andere ondernemingen, soms worden deze laatste ook vanuit de holding bestuurd. (bron: nrc.nl) Art. 7 Boek 2 BW

houtvester : rechtsgeschiedenis - functie die aan de leenman van een kasteel gegeven werd, met bepaalde verantwoordelijkheden ten aanzien van het beheer van dat kasteel en de bijbehorende gebieden.

huis en erf : vastgoedrecht - archaïsch: woning met de grond die daarbij hoort.

huis kraken / gekraakt huis : vastgoedrecht - zonder huisvestingsvergunning een veelal langdurig leegstaand pand tegen de wil van de eigenaar in gebruik nemen en ondanks sommatie om het te verlaten in gebruik houden. Bijv. eerst mocht een ~ niet en nu mag het wel als een huis meer dan een jaar leeg staat. Art. 7 huisvw

huis van bewaring : strafprocesrecht - inrichting voor het ondergaan van vrijheidsbenemende detentie, hoofdzakelijk bestemd voor de verdachte die in voorlopige hechtenis is gesteld (voorafgaand aan de terechtzitting), degene die een hechtenisstraf moet ondergaan of degene die tot een gevangenisstraf (maximale straftijd drie maanden) is veroordeeld. Art. 59 WvSv - Zie ook: nadere verklaring gevangenis / gevangenissen (mv.) nadere verklaring hechtenis nadere verklaring gevangenisstraf

huis van Thorbecke : politiek - aanduiding van het Nederlandse staatsbestel dat een 19de eeuws monument is waarvan niets - ook geen 'binnenmuurtje' - mag worden afgebroken. Wie morrelt aan de autonomie van de lagere overheden loopt al snel op tegen de eerbiedige term '~'. (bron: Ten Haave en Remarque)

huisarrest / elektronische detentie : strafrecht - experiment waarbij een veroordeelde zijn straf thuis mag uitzitten. Door een elektronische chip in een niet te verwijderen enkelband kan op afstand worden gecontroleerd of een veroordeelde zich aan zijn ~ houdt. Zie ook: nadere verklaring elektronisch toezicht

huiselijk geweld : criminologie - mishandeling binnen huiselijke kring. Bijv. tussen echtgenoten of ouder en kind.

huisgenoot : personen- en familierecht - persoon die met anderen hetzelfde huis bewoont.

huishoudelijk reglement Eng.: labour relations at the workplace : ondernemingsrecht - schriftelijke bepalingen omtrent de dagelijkse aangelegenheden in een onderneming. Bijv. in welke ruimtes wel en niet gerookt mag worden. Art. 613 Boek 7 BW en 614 Boek 7 BW - Zie ook: hierarchische verhouding collectieve arbeidsovereenkomst (cao)

huishoudelijke afvalstoffen : milieurecht - afvalstoffen afkomstig uit particuliere huishoudens, behoudens voor zover het afgegeven of ingezamelde bestanddelen van die afvalstoffen betreft, die zijn aangewezen als gevaarlijke afvalstoffen. Art. 1.1 wm - Zie ook: nadere verklaring afvalstoffen nadere verklaring bedrijfsafvalstoffen nadere verklaring gevaarlijke afvalstoffen

huishoudgeld : huwelijksvermogensrecht - geld dat wordt gebruikt ten behoeve van het huishouden, het familieleven, het gezin. Bijv. de wekelijkse boodschappen voor het eten worden betaald van het ~. Art. 84 Boek 1 BW

huismacht : personen- en familierecht - een echtgenoot behoeft de toestemming van de andere echtgenoot voor de volgende rechtshandeling: overeenkomsten strekkende tot vervreemding, bezwaring of ingebruikgeving en rechtshandelingen strekkende tot beëindiging van het gebruik van een door de echtgenoten tezamen of door de andere echtgenoot alleen bewoonde woning of van zaken die bij een zodanige woning of tot de inboedel daarvan behoren. Art. 88 Boek 1 BW

huisraad : huwelijksvermogensrecht - deel van de inboedel; meubelen. Art. 5 Boek 3 BW

huisrecht / huisvrede : mensenrechten - in de Grondwet en het EVRM gewaarborgd rechtsbeginsel van de onschendbaarheid van de woning. Een bewoner van een woning kan een persoon de toegang tot zijn huis verbieden. Een rechter kan evenwel door middel van een huiszoekingsbevel het ~ doorbreken. Art. 12 Grondwet en 8 EVRM

huisregels : overeenkomstenrecht - regels die gelden in een bepaald gebouw, bijv. in een openbaar gebouw of restaurant.

huisvestingsvergunning : vastgoedrecht - gemeentelijke toestemming om woonruimte in gebruik te nemen voor bewoning. Art. 7 huisvw - Zie ook: tegenstelling huisvestingsverordening

huisvestingsverordening : vastgoedrecht - gemeentelijke regeling m.b.t. het in gebruik nemen of geven van veelal goedkopere woonruimte of wijzigingen in de woonruimtevoorraad. Art. 2 huisvw - Zie ook: tegenstelling huisvestingsvergunning

Huisvestingswet (Huisvw) : sociaal recht - wet van 1 oktober 1992 houdende bepalingen m.b.t. de toebedeling en het gebruik van woonruimte. Daarin o.a. opgenomen regelingen voor de huisvestingsverordening en -vergunning. Art. 9 huisvw en 30 huisvw - Zie ook: hierarchische verhouding Onteigeningswet (OW)

huisvredebreuk Eng.: unauthorized house access : strafrecht - misdrijf tegen de openbare orde waarbij een persoon die een woning, besloten lokaal of erf van een ander wederrechtelijk binnendringt en zich niet aanstonds op verzoek verwijdert, gestraft kan worden met een gevangenisstraf van max. zes maanden of een boete van € 4.500,-. Art. 138 WvSr - Zie ook: onderdeel binnendringing / binnendringen / binnengedrongen nadere verklaring verboden toegang ex. art. 461 WvSr

huiszoeking Eng.: search : strafprocesrecht - doorzoeking ter inbeslagneming van alle plekken in een woning. De rechter-commissaris, vergezeld van politie, verricht de ~. De ~ is een doorbreking van het huisrecht. Art. 110 WvSv en 104 WvSv - Zie ook: hierarchische verhouding inbeslagneming / in beslag nemen / in beslag genomen

huiszoekingsbevel Eng.: search order : strafprocesrecht - machtiging van de rechter-commissaris om een woning zonder toestemming van de bewoner te betreden, te doorzoeken en daar zaken in beslag te nemen. Art. 110 WvSv en 97 WvSv

huiszoekingsmandaat : Belgisch recht - een toelating om gegevens m.b.t. misdrijven op te sporen en te verzamelen in privé-plaatsen.

hulp bij zelfdoding Eng.: help with suicide : strafrecht - behulpzaam zijn en verstrekken van middelen om iemand te helpen zijn of haar leven te beëindigen. Daarbij moet de arts aan een aantal zorgvuldigheidseisen voldoen, zoals nagaan of een persoon wilsbekwaam is. Art. 2 wtlop - Zie ook: nadere verklaring euthanasie

hulpgriffier / adjunct-griffier : bestuursrecht - justitieel ambtenaar die aan de griffier is toegevoegd om hem in zijn ambtsbezigheden bij te staan. Art. 73 Wet RO en 1 wet RO - Zie ook: niet gelijk aan waarnemend griffier / substituut-griffier

hulploon : vervoersrecht - vergoeding voor succesvolle hulpverlening aan een in gevaar verkerend schip. Bijv. de Rechtbank heeft beslist dat, nu er geen gevaar voor breken bestond, het schip niet in gevaar verkeerde, waardoor de vordering voor ~ werd afgewezen. Art. 561 Boek 8 BW en 571 Boek 8 BW - Zie ook: tegenstelling loon

hulpofficier van justitie (HOvJ) : strafprocesrecht - opsporingsambtenaar (meestal politieagent van hogere rang) die de officier van justitie helpt. De ~ kan over de inverzekeringstelling van aangehouden personen beslissen. Art. 154 WvSv - Zie ook: hierarchische verhouding brigadier nadere verklaring inverzekeringstelling (IVS) / in verzekering stellen / in verzekering gesteld

hulppersonen : aansprakelijkheidsrecht - personen die onder opdracht, maar niet als ondergeschikte werknemer, werkzaamheden verrichten. De opdrachtgever is aansprakelijk voor schade verricht door ~. Art. 170 Boek 6 BW en 171 Boek 6 BW

hulpverlener Eng.: aidworker : vervoersrecht - degene die een daad of werkzaamheid verricht om hulp te verlenen aan een in bevaarbaar water of in welk ander water dan ook in gevaar verkerend schip of andere zaak Art. 550 Boek 8 BW

hulpverlening aan de vijand : militair recht - in oorlogstijd opzettelijk hulp verlenen aan de vijand, of het opzettelijk benadelen van de staat tegenover de vijand. Art. 102 WvSr

hulpverlening aan schepen : vervoersrecht - daad of werkzaamheid, verricht om hulp te verlenen aan een schip dat in bevaarbaar water of in welk ander water dan ook in gevaar verkeert. Art. 550 Boek 8 BW en 1010 Boek 8 BW

hulpzaak / (mv.) hulpzaken : verbintenissenrecht - zaak die gebruikt wordt in de uitvoering van een verbintenis, zoals gereedschap of vervoermiddelen. Art. 77 Boek 6 BW

Humaan Immunodeficiëncy Virus (HIV) : strafrecht - virus dat de aFweer tegen ziekteverwekkers (het immuunsysteem) verzwakt. De aFweer is niet meer in staat om bepaalde ziekteverwekkers goed te bestrijden, waardoor men infecties kan krijgen, infecties die door de aFweer van mensen die niet 'hiv-positief' zijn (HIV-positief zijn betekent niet persé dat men dan ook aids heeft) probleemloos wordt bestreden. Bijv. ~ speelt een rol in de zgn. HIV-rechtspraak. Hier speelde de kwestie of het voorwaardelijk opzet al dan niet kon worden aangenomen, terzake van vervolgingen voor poging tot doodslag na onveilig seksueel contact, waarbij men wist zelf het HIV-virus te dragen. WvSr Zie ook: nadere verklaring voorwaardelijk opzet hierarchische verhouding archivaris

humanisme : rechtsfilosofie - levensbeschouwing waarin centraal staan het recht op vrijheid, menswaardigheid, geloof in menselijk kunnen, zelf verantwoordelijkheid nemen en met elkaar de dialoog aangaan op basis van rede.

humanistische tradities Eng.: humanistic inheritance : europees recht - van generatie op generatie overgeleverde gewoonten die te maken hebben met de gemeenschap van een persoon. Bijv. Onder verwijzing naar onder andere de culturele, religieuze en ~ van Europa en de vastbeslotenheid van de Europese volkeren om hun oude tegenstellingen te overwinnen en vorm te geven aan hun gemeenschappelijke lotsbestemming, komen in de preambule van de Europese Grondwet ruimschoots thema's uit de preambules van de bestaande Verdragen aan de orde.

humanitaire interventie Eng.: humanitarian intervention : internationaal publiekrecht - gewapende tussenkomst door een of meerdere Staten in een andere Staat (zonder diens toestemming) om humanitaire redenen. Deze tussenkomst kan met of zonder de toestemming van de VN-Veiligheidsraad geschieden. Bijv. vanwege de stelselmatige schending van de mensenrechten wordt er in de VN-Veiligheidsraad gesproken over een humanitaire interventie in Darfur, een zuidelijke regio van Soedan. (2005) Art. 42 Hv VN en 43 Hv VN VN-Veiligheidsraad

huur en verhuur Eng.: tenancy agreement / lease : huurrecht - overeenkomst waarbij de verhuurder tegen betaling tijdelijk het genot van zijn zaak aan de huurder verschaft. Art. 1624 Boek 7A BW en 201 Boek 7 BW - Zie ook: nadere verklaring huurkoop tegenstelling koopovereenkomst / koopcontract

huur met recht van koop / huren met recht van koop / gehuurd met recht van koop : overeenkomstenrecht - huurovereenkomst waarbij is bedongen dat de huurder het gehuurde al dan niet voor een bepaalde datum en voor een bepaalde koopsom mag kopen, waarbij de dan inmiddels betaalde huurpenningen in mindering op de koopsom worden gebracht. Met name bij duurzame zaken zoals piano's.

huur van bedrijfsruimte Eng.: rent of business premises : huurrecht - huur en verhuur van 1) gebouwde onroerende zaak (of gedeelte daarvan) die krachtens overeenkomst van huur en verhuur is bestemd voor de uitoefening van een kleinhandelsbedrijf, 2) hotel-, kampeer-, restaurant- of cafébedrijf, 3) een afhaal- en besteldienst, of 4) van een ambachtsbedrijf, indien die ruimte daartoe rechtstreeks voor het publiek toegankelijk is, plus evt. bijbehorende grond en onzelfstandige woning. Art. 1624 Boek 7A BW en 1636b Boek 7A BW - Zie ook: nadere verklaring huur en verhuur tegenstelling huur van woonruimte

huur van huizen : huurrecht - huur en verhuur van gebouwen die als woonruimte kunnen dienen. Art. 232 Boek 7 BW - Zie ook: tegenstelling huur van woonruimte

huur van woonruimte : huurrecht - huur en verhuur van een gebouwde onroerende zaak voor zover deze als zelfstandige dan wel niet zelfstandige woning is verhuurd, dan wel een woonwagen of een standplaats, alsmede de onroerende aanhorigheden. Art. 232 Boek 7 BW en 233 Boek 7 BW - Zie ook: nadere verklaring medehuurder tegenstelling huur van bedrijfsruimte onderdeel onderhuur

huurbeding Eng.: tenancy clause : pand- en hypotheekrecht - een beding in een hypotheekovereenkomst, waarbij de eigenaar van een huis wordt beperkt in zijn bevoegdheid (een deel van) het huis te verhuren. Bijv. de clausule in de hypotheekakte waarbij de hypotheekgever het bezwaarde goed (huis) niet zonder toestemming van de hypotheekhouder mag verhuren. Art. 264 Boek 3 BW en 6 hpw - Zie ook: nadere verklaring hypotheekakte tegenstelling verblijvensbeding / (oneigenl.) verblijvingsbeding

huurbescherming : huurrecht - wettelijke bescherming van huurders, die erop neer komt dat een verhuurder een huurder alleen tegen zijn wil uit de verhuurde woning kan zetten na rechterlijke tussenkomst. Art. 27 hw (oud) - Zie ook: nadere verklaring huurcommissie

huurcerter : rechtsgeschiedenis - stadmeierrecht. Deelbare beklemming (d.w.z. recht om andermans grond te gebruiken).

huurcommissie : huurrecht - zelfstandig bestuursorgaan, dat uitspraak doet in huurprijsgeschillen tussen huurders en verhuurders van woonruimten. Art. 11 hw (oud) en 2 whc (oud) - Zie ook: nadere verklaring huurbescherming

huurder Eng.: tenant : huurrecht - persoon aan wie een verhuurder tegen betaling en voor bepaalde of onbepaalde tijd huurgenot van een zaak verschaft. Art. 1627 Boek 7A BW en 212 Boek 7 BW - Zie ook: nadere verklaring huurbescherming

huurgebrek : huurrecht - gebrek (staat of eigenschap) van de zaak of omstandigheid dat ontstaat na het aangaan van de huur. Bijv. verhuurders zijn per 1 augustus 2003 verplicht gebreken aan de woning te verhelpen; een woning moet zonder gebreken worden aangeboden. Art. 204 Boek 7 BW nadere verklaring huurrecht

huurkoop Eng.: hire purchase : overeenkomstenrecht - koop en verkoop op afbetaling, waarbij partijen overeenkomen, dat de verkochte zaak niet door enkele aflevering in eigendom overgaat, maar pas door vervulling van de opschortende voorwaarde van algehele betaling van wat door de koper uit hoofde van de koopovereenkomst verschuldigd is. Voor de huurkoop van onroerend goed geldt een aparte wettelijke regeling. Art. 1576h Boek 7A BW - Zie ook: nadere verklaring huur en verhuur nadere verklaring consumentenkoop niet gelijk aan huurovereenkomst / huurcontract niet gelijk aan koop op proef

huurovereenkomst / huurcontract Eng.: tenancy agreement / lease : huurrecht - overeenkomst, waarbij de ene partij, de verhuurder, zich verbindt om de ander, de huurder, het genot van een zaak te doen hebben gedurende een bepaalde of onbepaalde tijd en tegen een bepaalde prijs, waarbij de andere partij zich verbindt die prijs te betalen. Art. 1625 Boek 7A BW en 201 Boek 7 BW - Zie ook: tegenstelling koopovereenkomst / koopcontract

Huurprijzenwet woonruimte (HPW) Eng.: Dutch Residential Tenancies (Rent) Act : huurrecht - op 1 augustus 2003 vervallen wet van 18 januari 1979 houdende bepalingen m.b.t. de prijzen bij huur en verhuur van woonruimte. Daarin o.a. opgenomen regelingen voor het wijzigen van huurprijzen en de bemoeienis van de huurcommissie. Deze wet strekt ertoe de belangen van de huurder te beschermen.

huurrecht / woonrecht Eng.: law of rent and lease : huurrecht - vakgebied dat met boek 7A Burgerlijk Wetboek samenvalt; vooral m.b.t. huur en verhuur van woon- en bedrijfsruimte, huurbescherming, huurprijsgeschillen, huursubsidie, onderhuur, huisvestingsvergunningen en onderhoud. Zie ook: hierarchische verhouding arbeidsrecht

huursubsidie : sociaal recht - tegemoetkoming in de huurkosten voor personen wiens inkomen en dat van hun huisgenoten onvoldoende is om de huur te kunnen betalen.

huurverhoging Eng.: rentincrease : huurrecht - doorgaans verhoging van de huur van een woning of huis. Bijv. ieder jaar mogen de woningcorporaties per 1 juli de huur verhogen.

huurwaardeforfait Eng.: fixed rentable value : fiscaal recht - denkbeeldige inkomsten uit de eigen woning, uitgedrukt in een vast bedrag dat afhankelijk is van de waarde van het huis. Het ~ wordt fiscaal tot het inkomen gerekend; het bedrag dat de eigenaar zou ontvangen wanneer het huis verhuurd zou worden. Zie ook: tegenstelling arbeidskostenforfait nadere verklaring fiscus / belastingdienst

huurwet (HW) Eng.: Dutch Tenancy Act : huurrecht - op 1 augustus 2003 vervallen wet van 13 oktober 1950 houdende bepalingen ter bescherming van huurders van onroerende zaken. Zie ook: hierarchische verhouding Huurprijzenwet woonruimte (HPW)